post image

27

mei

De delegatie van Lotto Soudal reisde af naar Jerusalem in Israel voor de start van de Giro. Lotto Soudal werd voor 21 etappes omgedoopt tot Lotto Fix-ALL, naar het product van sponsor Soudal. De acht renners die aan de proloog begonnen en voor een ritzege in de Ronde van Italië moesten zorgen: Sander Armée, Lars Bak, Victor Campenaerts, Jens Debusschere, Frederik Frison, Adam Hansen, Tosh en Tim Wellens. Voor die ritzege ging Campenaerts al meteen in de lastige openingstijdrit van 9,7 kilometer. Hij strandde echter op de derde plek, op twee seconden van wereldkampioen Dumoulin die meteen de eerste roze trui mocht aantrekken. De volgende twee ritten in Israel waren langdradig, speelden zich voornamelijk af op de grote en brede wegen en eindigden twee maal in een massaspurt. Telkens was Elia Viviani de snelste waar Debusschere in de derde etappe naar de zesde plaats spurtte.

Na de vlucht naar Italië konden de punchers zich al een eerste keer uitleven in de vierde rit. In een lastige en razendsnelle slotfase imponeerde Lotto Fix-All door alles te controleren en Tim Wellens in ideale positie af te zetten. Eerst nam Adam Hansen het commando waarna Tosh kilometerslang overnam. Het ging zo snel dat hij zich met Wellens en enkele anderen afscheidde van de rest en er een klein groepje met Wellens met minieme voorsprong aan de slotkilometer kon beginnen. Het was het droomscenario want Wellens bleek die dag de sterkste van heel het peloton. Hij zorgde al op de vierde dag voor de ritzege van Lotto Fix-All!

Een dag later probeerden ze opnieuw maar de afscheiding op de slothelling was daar niet groot genoeg om van de snelle mannen af te geraken. Wellens probeerde maar het was Enrico Battaglin die zegevierde waar Wellens zesde werd. In de achtste rit met aankomst bergop liet Tosh zich opnieuw opmerken. Hij glipte mee in de vroege vlucht van zeven renners waarvan lang werd gedacht dat ze voor de ritzege zouden strijden. Op de slotklim begon Tosh sterk en nam hij het initiatief omdat de anderen naar mekaar begonnen te kijken, maar iets later moest Tosh logischerwijze de betere klimmers toch laten gaan. Koen Bouwman hield het het langste vol maar werd in de voorlaatste kilometer ingelopen door de favorietengroep. In de elfde rit probeerden Tosh en Wellens het nog een keer op een helling op vijf kilometer van de streep. Wellens zat goed voorin en reageerde op een uitval van Stybar. Met twee namen ze meteen een voorsprong op de favorieten maar op de verschrikkelijk steile slothelling kwam de favorietengroep toch weer bij Wellens en lieten ze hem ook achter waardoor Wellens als zestiende eindigde.

In een uitgeregende twaalfde rit eindigde het op een massaspurt waar enkele snelle mannen zich toch hadden laten verrassen. Zo probeerde Tosh zich te mengen in de spurt maar zat er niet meer in dan een zeventiende plaats. De dag erna werd hij vijftiende waar Debusschere tiende werd, opnieuw na winnaar Viviani die al zijn derde ritzege pakte. In de vijftiende rit kwam Tosh ten val maar kon hij zijn weg toch verder zetten. Op de rustdag die daarna volgde, probeerde hij zo goed mogelijk te recupereren waarna de dag erna een tijdrit op het programma stond waarop Campenaerts zijn zinnen had gezet. Jammer genoeg draaide het niet goed bij Victor en werd hij elfde. De nacht na de tijdrit werd Tosh ziek en stond hij met koorts aan de start van de zeventiende rit. Meteen vloog het peloton er tegen honderd procent in en van recupereren was geen sprake. Tosh probeerde nog maar zag geen andere uitweg dan in de volgwagen te stappen en met veel ontgoocheling vier dagen voor het einde de Giro te verlaten.

Voor de eindzege van de Ronde van Italië was het razend spannend. De eerste twee weken leek Simon Yates onaantastbaar en reed hij in zijn roze trui drie maal naar een ritoverwinning. Zeker na een sterke tijdrit op dag zestien waarin hij zijn grootste concurrent Dumoulin ook nog op voldoende achterstand hield in het klassement leek de weg naar de eindzege helemaal open te liggen. Tot er twee dagen later het eerste barstje opdook. Op de slotklim kende hij een zwak moment in de laatste kilometer en zag hij zijn concurrenten wegrijden. Dumoulin en de rest hadden bloed geroken en kwamen dichter. In de loodzware negentiende etappe gebeurde dan ook het ondenkbare. Op de tweede van in totaal vier cols moest Yates de rol lossen. Het sein voor Froome om alles of niets te spelen tegenover Dumoulin en de kopman van vertrok op tachtig kilometer van de aankomst voor een waanzinnige solo. Dumoulin had het gezelschap van Carapaz, Lopez Moreno en Pinot die nog een ploegmaat aan Reichenbach meehad. Maar Froome was weergaloos en liep alsmaar meer uit op de rest. Aan de streep tikte de klok voort en kwam nummer twee Carapaz exact op drie minuten over de streep. Twee dagen voor het einde zat Froome plots in het roze. In de voorlaatste rit controleerde Froome en zijn ploeg Sky de etappe en schreef hij zo de Ronde van Italië op zijn naam, voor Dumoulin en Lopez Moreno.